Compassie & Solidariteit
Delen met elkaar

Het is ons overkomen en kwam op ons pad. zonder ernaar te zoeken.

In alle delen van Nederland zijn bestuursleden gevonden. Zij komen uit verschillende geleidingen van de maatschappij maar zijn gelijkgestemden, die naast persoonlijke ervaringen, zich als mens betrokken voelen bij de activiteiten in beide landen. Hieronder stellen zij zich graag aan u voor.

Ontstaan stichting Rebeca Lidwina.

In 2013 na een operatie en revalidatie besloot Ventu om Roemenië te bezoeken, met name de provincie Harghita, waar enkele vrienden wonen. Onderweg naar de bergen bezocht ze in Brașov Casa Esperanței, een hospice.
Daar ontmoette ze Nicolae, een tweejarig jongetje met een hersentumor, afkomstig uit een weeshuis. Hij was verlaten door zijn ouders en had nog twee maanden te leven.
Toen Ventu in zijn ogen keek, kwam de vraag op: “Wie zal er om jou huilen als je sterft?”
Ze vervolgde haar reis naar Harghita en besloot een notaris te bezoeken om te informeren naar de mogelijkheid om een vereniging op te richten. En zo werd Casa Adela gevormd met een groep vrouwen die thuis zieken bezochten.
E. maakte deel uit van deze groep. Van beroep advocaat, die samen met A., notaris, de papieren van de vereniging opstelde. E. had kanker. Een jaar voordat zij stierf zei ze: “Voer het project uit, ontwikkel het veder, want we hebben artsen, medicijnen, familie, vrienden, etc. Ze zorgen voor ons, maar we hebben geen plek waar we kunnen huilen.”

Velen zullen denken: “Waarom Harghita, Roemenië, als er zoveel behoefte is om hier in Nederland iets te doen?”
Omdat dit ons is overkomen zonder ernaar te zoeken en deze ontmoetinging ons uitnodigt om te reageren.

Bij terugkeer van haar reis, besloot Ventu, een andere groep mensen uit te nodigen, om een stichting in Nederland te creëren, in Alphen aan den Rijn, om van hieruit Casa Adela en andere groepen in Oost-Europa te ondersteunen. Op 7 mei van het volgende jaar stierf E. Met het testament dat ze heeft nagelaten, blijven vrouwen vandaag de zieken bezoeken, het is niet gemakkelijk, maar het is een uitdaging waarvoor we allemaal worden uitgenodigd om dat ook te doen.

Pieter van Abshoven

Lang hebben Ventu Martin en ik in Roemenië gewoond en gewerkt. Het is allemaal begonnen in Madéfalva, een Hongaars dorp waar ik veldwerk deed voor mijn studie antropologie. Béla, introduceerde me in het dorp. Ik heb een half jaar bij zijn ouders gewoond.

Naast Béla heb ik daar nog vele andere vrienden gemaakt. Bijvoorbeeld Rozália en haar gezin. Zij is de huisarts van het dorp. De laatste paar jaar legt zij zich toe op de zorg aan terminale patiënten en gehandicapten.

Er zijn ook veel oudere patiënten voor wie nauwelijks gezorgd wordt. Goede tehuizen zijn er niet. De familie moet voor hen zorgen, zonder enige hulp van buitenaf. Het gevolg is dat veel ouderen op een klein kamertje bij hun kinderen in huis wonen en daar niet of nauwelijks uit komen. Men heeft geen ervaring met vrijwilligers die mensen van tijd tot tijd opzoeken.

Pierre van Vliet

 

Ventu Martin Martinez

Ik ben geboren in Spanje en groeide op onder het Franco regime. Mijn huis stond in de buurt van een gevangenis van de Guardia Civil, waar ons gezin werd geconfronteerd met het mishandelen en martelen van gevangenen. Als kind al kon ik niet begrijpen dat deze mensen slecht zouden zijn en tot op heden vraag ik mij af: Hoe kon dit gebeuren en waarom?

Als jongvolwassene stuitte ik op Russische literatuur, feitelijk verboden in die tijd, en ging ik veel lezen over Oost-Europa en Rusland. Het leek wel of ik werd geroepen door die landen, de historie, de manier van leven, maar ook wat er zich politiek afspeelde boeide mij enorm.

Na mijn middelbare school werd ik vrijwilligster bij een kloosterorde in Vila-Real en werkte ik in de arme wijken van de stad met zigeuners, zieken, delinquenten en drugverslaafden. Vervolgens heb ik een periode in Murcia en Frankrijk, gewerkt als religieuse en bleef mij inzetten voor de armen en zieken. Ik twijfelde sterk of ik op deze manier – via de kerk – mijn leven wel de juiste invulling kon geven. Nadat ik uitgetreden was, kwam ik mijn man Pieter tegen, die na zijn studie civiele techniek, toen antropologie studeerde. Ik ging met hem naar Nederland en wij trouwden.

Pieter maakte voor zijn studie reizen naar Roemenië, en ik ging met hem mee. Bij terugkeer naar Nederland maakte ik kennis met het feit dat er vele religies zijn, naast het katholicisme, ook het protestantisme, maar ook het boeddhisme en de islam. Al die geloven boeiden mij enorm en in ieder geloof vond ik waarden, waarnaar ik wilde leven en handelen. In Nederland werd mijn dochter Carmen geboren. Pieter verbond zich na verloop van tijd aan Cordaid en weer gingen wij voor een aantal jaren naar Roemenië, Moldavië en Transnistrië , nu vergezeld van ons dochtertje Carmen. Pieter werkte als antropoloog en civiel ingenieur en ik werkte als vrijwilliger voor de armen en de zieken. We leerden veel mensen kennen, zowel in medische kringen als daarbuiten.

Na terugkeer naar Nederland heb ik me altijd ingezet als vrijwilligster o.a. bij de hospicegroep in Alphen aan den Rijn. Ook werd ik zelf geconfronteerd met kanker en kon mij als ervaringsdeskundige heel goed indenken en invoelen in deze terminale patiënten.

In de loop der jaren ben ik vaak terug geweest naar Roemenië om vrienden te bezoeken. In 2013 kwam ik onderweg bij een hospice terecht, waar ik het tweejarig jongetje Nicolae, ontmoette. Hij had een hersentumor, was verlaten door zijn ouders en had nog maar twee maanden te leven. Zijn eenzaamheid en pijn raakte mij diep en het kon mij niet meer loslaten.

Bij het vervolgen van mijn reis besloot ik een notaris te bezoeken om te informeren naar de mogelijkheid om een stichting op te richten, die o.a. zorg aan terminale kankerpatiënten en aan de armen zou kunnen geven. Vervolgens ben ik op zoek gegaan naar gelijkgestemden die zich betrokken zouden voelen bij dit idee. Erzsebet, één van de vrouwen van deze eerste groep in Roemenië en van beroep advocaat, heeft mij bij dit alles geholpen. Zij had kanker en een jaar voordat zij stierf smeekte zij: “Voer het project uit, ontwikkel het verder, want niet iedereen heeft hier toegang tot artsen, medicijnen, of een vangnet van familie en vrienden. “Zorg ervoor dat wij een plek kunnen krijgen waar wij samen kunnen huilen.”

Bij terugkeer in Nederland heb ik gelijkgestemden gevonden, die vaak naast persoonlijke ervaringen zich ook als mens betrokken voelden en is Stichting Rebecca Lidwina opgericht om de zusterorganisatie in Roemenië, Stichting Casa Adela, en andere groepen in Oost-Europa te kunnen ondersteunen bij het uitvoeren van hun activiteiten. Rebeca Lidwina heeft als hoofddoel het opzetten van een hospice in Roemenië.

Rob Vrijenhoek

Tijdens één van mijn Spaanse lessen bij Ventu vertelde zij mij over haar droom om een Stichting te starten met als doel om in Roemenië ter plaatse hulp te gaan bieden aan terminaal zieke mensen, zowel aan ouderen als aan jongeren en aan de zeer armen. Ze heeft veel relaties en kennissen in o.a. medische kringen in het gebied rond Miercurea Ciuc, een plaats in het Noorden van Roemenië, die haar lokaal hierbij kunnen en willen ondersteunen.

Op de vraag van Ventu of ik in het Bestuur van de op te richten Sichting Rebeca Lidwina een plaats wilde innemen heb ik gelijk positief geantwoord. Ik wil graag mijn kennis en ervaring uit mijn actieve werkverleden inzetten om gezamenlijk dit project tot een succes te maken. Mijn werkverleden hield in dat ik als directeur verantwoordelijk was voor de groei en continuïteit van afdelingen en divisies bij een multinational concern in de elektrotechniek. Daarnaast heb ik in het directie-team de ontwikkeling, de bouw en de start van de exploitatie van een containerterminal in de Haven van Amsterdam kunnen realiseren.

Dat het beslist niet alleen om het sturen van geld voor de plaatselijke ondersteuning gaat, sprak mij bijzonder aan. Ook dat  met vrijwilligers, die kennis van zaken, hebben de ondersteuning ter plekke wordt geleverd vind ik een goed uitgangspunt. En doordat Ventu en haar man vele jaren in Roemenië hebben gewerkt is er in de communicatie geen taalprobleem.

Een ieder kan zich aan de hand van TV – beelden en verhalen van derden misschien een voorstelling maken van de vaak schrijnende, erbarmelijke omstandigheden waarin veel mensen – volwassenen en kinderen !! –  in dit gebied in Roemenië leven. Ik heb dit tijdens mijn bezoek in september j.l. ter plaatse gezien. Er is dringend hulp nodig, veel hulp!

De eerste resultaten van onze lokale zusterorganisatie Casa Adela zijn zichtbaar; niet alleen worden (terminaal) zieken, de zeer ouden en armen ondersteund, ook is er een project gestart in Balan waar met plaatselijke vrijwilligers een 20 –tal kansarme kinderen iedere zaterdag een paar uur bijeenkomen om gezamenlijk te spelen en een  lekkere maaltijd te genieten. Als je de blijde gezichten van deze kinderen aan de lange eettafel ziet dan weet je het zeker: We zijn heel goed bezig !

Ingen Bavelaar

Enige tijd geleden heb ik Ventu ontmoet en vertelde zij mij over haar droom om in Roemenië een hospice op te richten, maar ook om zieken en kinderen te helpen. Ik vond dit een mooie droom, “maar hoe maak je dit werkelijkheid?”, vroeg ik haar? “Met inzet, met hard werken en niet loslaten”, was het antwoord. En daarop vroeg zij  of ik het bestuur van Rebecca Lidwina wilde versterken, om mee te helpen dit te verwezenlijken. Na enig nadenken en kennismaken met de andere bestuursleden, heb ik ‘ja’ gezegd, want ik geloof er wel in dat je met volhouden en met elkaar, een verschil kan maken. Sinds de zomer van 2019 ben ik dan ook secretaris van de Stichting Rebeca Lidwina.

Laat ik mij even voorstellen. Ik ben geboren in 1956 en zeg zelf altijd dat mijn ‘echte’ werkzame leven, ooit is begonnen bij de Anne Frank Stichting, waar ik na mijn studie startte als verantwoordelijke voor de afdeling Personeelszaken. Omdat de Anne Frank Stichting in die tijd enorm groeide en veel meer internationaal ging werken, kwamen ook die aspecten erbij. Niet alleen het werk, maar ook de groei en al die verschillende culturen bevielen mij erg en daar wilde ik meer mee doen. Vervolgens ben ik terecht gekomen in een internationale functie in Human Resources bij Deloitte. Een heel leerzame tijd maar ik kwam er wel achter, dat eigenlijk de veranderingen in de organisatie en hoe wij daar mee omgaan,  mij het meest boeien. Ook hoe je voor de mensen die er werken, het beste uit deze veranderingen kunt halen, zonder de opdracht van de organisatie uit het oog te verliezen. Vervolgens heb ik even voor een bank-verzekeraar gewerkt, die grote fusies in het vooruitzicht had, maar al snel leerde ik dat deze trajecten hun tijd nodig hebben. Ik besloot niet te wachten, maar die veranderingen zelf op te zoeken en ben een bedrijf gestart wat zich hier op richtte. Bijna 20 jaar heb ik bedrijven en instellingen ondersteund en geadviseerd, voornamelijk hoe om te gaan met grote en kleine veranderingen en met name, hoe om te gaan met alle organisatorische -en personele aspecten hiervan.

Het bedrijf is inmiddels beëindigd en ik geniet samen met mijn man en hond van onze vrije tijd. En in die vrije tijd is er nu weer meer aandacht en tijd voor andere dingen, zoals de droom van Ventu. Ik werk er graag aan mee om die te helpen verwezenlijken. Ik hoop dat u – als u dit leest – ook denkt: “daar wil ik aan bijdragen”. Laat dan een bericht achter op de site, u krijgt gegarandeerd antwoord.

Wat heeft de stichting nodig:

Geld en goederen (verbandmiddelen, thuiszorgmaterialen etc.). Geld is onder meer nodig om de goederentransporten naar Roemenië te financieren.  Daarnaast zijn ook financiele middelen nodig om kosten gemaakt in Roemenie voor dekking van onkosten van de vrijwilligers, huur van ontmoetingsruimtes ed. En natuurlijk uw gebed en morele steun!

Groepen in Romenië begleiden, vanuit Nederland of ter plaatse

Het vormen van nieuwe groepen begeleiden en ondersteunen – ontwikkelingen volgen

Vrijwilligers trainen in Roemenië

Uitwisselingsreizen naar Roemenië

Zodat we daar vrijwilligers toe kunnen rusten en om eenzamen en zieken te bezoeken.

Voorlichting geven in Roemenië en Nederland

Goederen verzamelen waaraan in Roemenië een groot behoefte is.